fbpx

Vanaf 1 januari 2026 wordt het mobiliteitsbudget in België verplicht voor werkgevers die bedrijfswagens aanbieden. Dat betekent dat elke werknemer met recht op een bedrijfswagen de keuze moet krijgen om in te stappen in het mobiliteitsbudget in plaats van de klassieke bedrijfswagen. De wetgeving is nog niet volledig uitgekristalliseerd, maar er komt geen ontsnappen meer aan. Voor kmo’s is het nu hét moment om zich voor te bereiden zodat de overgang zo soepel mogelijk verloopt.

Verplicht mobiliteitsbudget vanaf 2026: voorbereidingstips voor werkgevers

Wat is het mobiliteitsbudget precies?

Het mobiliteitsbudget laat werknemers die momenteel recht hebben op een bedrijfswagen toe om in plaats van de wagen een budget te ontvangen dat gelijk is aan de werkelijke kost voor de werkgever (de Total Cost of Ownership, TCO). Werknemers kunnen dat budget inzetten binnen drie pijlers:

  1. Een milieuvriendelijkere wagen (meestal elektrisch)

  2. Alternatieven zoals openbaar vervoer, (elektrische) fiets, deelauto, of huisvestingskosten als die gelden binnen regels zoals afstand of frequentie (en mogelijk met telewerkcomponent)

  3. Cash uitbetaling voor het overgebleven gedeelte

De keuze om al dan niet in te stappen blijft bij de werknemer. De verplichting geldt enkel om het mobiliteitsbudget aan te bieden, niet om de bedrijfswagen af te schaffen.

Belangrijk om te weten als werkgever

  • Hoewel 1 januari 2026 vaak genoemd wordt als startdatum, zijn niet alle wetsteksten definitief. Sommige regels rond modaliteiten — wie precies in aanmerking komt, hoe het aanbod exact moet worden vormgegeven — zijn nog in uitwerking. 

  • De wachttermijn van 3 jaar waarbij een werkgever vanaf minimum 36 maanden minstens één bedrijfswagen moet hebben aangeboden, wordt mogelijk afgeschaft.

  • Budgetberekening (TCO) moet stippelvrij gebeuren: alle kosten van de wagen (leasing, verzekering, onderhoud, brandstof, afschrijvingen etc.) moeten in kaart gebracht worden.

  • Administratie, overeenkomst(en) met werknemers, en car policy moeten tijdig aangepast worden.

Waar kan je vandaag al mee aan de slag?

  1. Bereken nu je wagenpark-kosten (TCO): kijk naar de huidige kosten, onderhoudeenheid, verzekering etc. Zo weet je welke budgetten je straks realistisch kan aanbieden.

  2. Audit je car policy: wie heeft recht op bedrijfswagen, welke modellen, leasecontracten, de uitstootnormen etc. Pas beleidsdocumenten aan zodat ze in lijn zijn met het mobiliteitsbudget-vereiste.

  3. Definieer het aanbod in de drie pijlers: denk na welke alternatieven je wil aanbieden voor werknemers (openbaar vervoer, deelauto, fiets etc.). Een beperkte selectie kan in het begin volstaan, zolang je transparant bent.

  4. Communiceer met je medewerkers: leg uit wat het mobiliteitsbudget betekent, wat hun keuzevrijheid is, wat de impact is op hun verplaatsingen en vergoedingen. Medewerkers laten meedenken helpt de acceptatie.

  5. Pas je administratie aan: zorg voor duidelijke arbeidsovereenkomsten of addenda waarin de modaliteiten van het mobiliteitsbudget opgenomen zijn, inclusief de berekeningswijze, de keuzeopties en voorwaarden.

Mogelijke valkuilen

  • Onvoldoende transparantie: als de werknemer niet weet hoe het budget wordt berekend, kan dat tot misverstanden leiden.

  • Administratieve lasten onderschatten: goede systemen nodig voor opvolging, controle, rapportering.

  • Juridische/loonsadministratieve gevolgen: bij verkeerd gebruik kunnen fiscaliteit en sociale zekerheidsaspecten meespelen.

  • Overhaaste invoering zonder pilootfase of intern draagvlak kan leiden tot verzet of inefficiënt gebruik.

Finum Accountants staat klaar

Bij Finum Accountants volgen wij de ontwikkelingen rond het verplichte mobiliteitsbudget stap voor stap. Wil je weten wat deze wijzigingen betekenen voor jouw bedrijf? Neem gerust contact met ons op.